28 december
“Wek de geest op die nergens op landt.”
(Vajracchedikā Prajñāpāramitā Sūtra)
Kort
En land ook daar niet op.
Iets langer
Dit is een fenomenaal belangrijke zin in de zen. Toen de zesde patriarch Huineng* als jonge kerel deze zin hoorde, ervaarde hij een eerste groot ontwaken en ging zich zo snel mogelijke aanmelden bij een zenklooster. De zin is ook voor ons een steengoede mantra. We kunnen hem heel vaak opnieuw voor de geest kunnen brengen. Zowel in lastige omstandigheden, als in in heel fijne. In meditatie kunnen we daar heel radicaal in gaan: echt op niets blijven kleven. Zo intens mogelijk – als een frisse wind die door heel ons systeem trekt.
Maar elk medicijn kan vergif worden. 'Nergens op blijven landen' kan ook een excuus worden om ons nooit te concentreren, ons nooit vast te bijten in dingen die moeten aangepakt worden, om ons nooit te laten raken door leed in de wereld. Dan wordt de mantra een zoveelste drug waarvan de verslaving verward wordt met zen-zijn.
* Dajian Huineng (638-713).
Voor de hele reeks, klik hier.
Deze notities zijn ook dagelijks te volgen op Bluesky.